|
 |
In vogelvlucht > Home > Referentieschool > Meningen en ervaringen - De Eerste Rith in Breda
 De Eerste Rith in Breda over In Vogelvlucht
|
 |
 |
‘De verwondering die je ziet bij de leerlingen!’
De Eerste Rith in Breda heeft naast taal, lezen en rekenen ook volop aandacht voor de zaakvakken. In groep 3 met Veilig de wereld in en vanaf groep 4 met In vogelvlucht. We vroegen de leerkrachten Mariëlle van den Berg (groep 6) en Suzanne Maalcke (groep 7) naar hun ervaringen met natuur en techniek in de klas. |
 |
Waarom hebben jullie gekozen voor In vogelvlucht? Mariëlle: “Het is het derde jaar dat we werken met In vogelvlucht. Onze vorige methode was verouderd en richtte zich eigenlijk alleen op natuur, biologie. Wij vinden natuur en techniek belangrijk, het is zeker geen ondergeschoven kindje bij ons. We wilden ook echt techniek binnen ons onderwijs inbrengen. En daarom kozen we voor In vogelvlucht.”Suzanne: “Mijn vader is leerkracht in het technisch onderwijs en je ziet daar een terugloop in het aantal techniekstudenten. Hij zei: ’Begin nou eens op de basisschool om bij kinderen interesse op te wekken voor natuur en techniek!’ Het is inderdaad belangrijk om kinderen inzicht te geven in hoe de wereld om hen heen in elkaar zit.” Je haalt de wereld om hen heen in de klas? Suzanne: “Ja, of je gaat juist naar buiten. De leerlingen gaan ook op onderzoek uit en dat vinden ze altijd leuk. Die afwisseling van binnen en buiten vind ik goed. Alleen bij het thema spinnen liet ik die beesten lekker buiten. Ik heb het daar niet zo op.” Mariëlle: “Er zijn veel leerlingen die wel een gevoel hebben met natuur, maar je moet het soms even aanwakkeren. En het is het leukste als je dit gewoon uit de kinderen zelf laat komen. Zo hadden we bijvoorbeeld een bak met honderd kikkervisjes in de klas staan die de kinderen zelf hadden meegenomen.”Suzanne: “Je kunt je lessen natuur en techniek ook mooi laten aansluiten bij de actualiteit. In de herfst ga je naar buiten en doe je bijvoorbeeld een onderzoek naar spinnen. Maar als in het nieuws is dat een meisje van 12 jaar zwanger is geraakt, dan zitten de kinderen hier ook met vragen over. Je kunt dat dan koppelen aan het thema ‘je eigen lichaam’ uit In vogelvlucht.” Hoeveel tijd besteden jullie aan natuur en techniek? Mariëlle: “Elke week zijn we wel 45 minuten tot een uur bezig met In vogelvlucht. We geven de vier basislessen en ik maak een keuze uit één van de twee extra lessen. Na de toets zorg ik dan nog voor een korte samenvatting en een afsluiting van het thema. Je kunt de methode op deze manier ook goed afronden. De toetsen vind ik overigens niet moeilijk. Als leerlingen goed meedoen in de les, dan kunnen ze de toets goed maken. Ook de proefjes zijn goed uit te voeren. Kinderen kunnen zich daar lekker in kwijt. De inleidende les doen we samen, ik bespreek het lesboek dan klassikaal. Het werken in de werkboekjes doen ze in tweetallen, evenals de proefjes. De werkboekjes dagen uit tot samenwerking. Het vraagt ook een stuk zelfstandigheid. Je vraagt ook naar hun eigen beleving. Je vraagt naar hun thuissituatie, wat ze al van het onderwerp weten en ze praten er met elkaar over.”Wat spreekt je aan in de lessen? Mariëlle: “De verwondering die je ziet bij de leerlingen. Bijvoorbeeld in de les over constructies en apparaten. Wie ontwerpt een brug waar de meeste spullen op blijven staan? Ze ontdekken dan een driehoeksconstructie waar wel drie gevulde etuis op blijven staan. Ze gaan zelf uitproberen en zelf ontdekken. Dat zijn lessen die ze aanspreken en waar ze écht iets van opsteken en onthouden. Bovendien kun je de lessen goed uitvoeren zonder veel voorbereidingstijd. Je hoeft je als leerkracht ook niet heel erg te verdiepen in de materie. Elk thema spreekt voor zich en kinderen kunnen er snel en zelfstandig mee aan de slag. De lessen zijn ook niet moeilijk te begrijpen. De leerlingen hoeven geen hele lappen tekst te lezen en veel is in beeld uitgelegd. De lessen zijn eenvoudig te begrijpen, óók voor zwakkere lezers.”Suzanne: “Er zit ook een doorgaande lijn in leergebieden, zoals het eigen lichaam, materialen en verschijnselen, technische oplossingen, ontwerpen en onderzoeken en planten en dieren leren kennen. Met veel thema’s kun je ook weer aansluiten bij andere methoden, zoals bijvoorbeeld Taal in beeld. Het thema afval en het sorteren van afval komt daar ook in terug bijvoorbeeld. En in Spelling in beeld zit ook een thema over natuur.”En hoe vinden de leerlingen het? Suzanne: “De thema’s spreekt ze aan en de proeflessen vinden ze geweldig. Het thema vuur en magneten was een en al onderzoek. Zoals de proef met een waxinelichtje en een glazen pot. Wat gebeurt er met het vlammetje als die pot groter of juist kleiner wordt? Ze mochten ook volop experimenteren met magneten. Verder vinden ze de herhalingsbladzijde in het werkboek heel leuk om te doen en de puzzelbladzijde.”Mariëlle: “In mijn groep vonden ze het spijkerbroeken maken heel leuk. Je vraagt dan eerst: ‘Wie heeft er een aan?’ En dan kijken ze eigenlijk pas echt wat ze aan hebben en dat ze ook zien dat bijna iedereen een spijkerbroek aan heeft. En welke verschillen er zijn, bijvoorbeeld denim of indigo. Je besteedt meteen aandacht aan mode en je laat ze nadenken over het maken van kleding en wat ze zelf mooi of lelijk vinden. Ze zijn even bewust met het onderwerp bezig. Ook het thema ‘meisjes en jongens’ is natuurlijk een heel interessant onderwerp in deze leeftijdscategorie.”Heb je veel extra materiaal nodig voor de lessen? Suzanne: “Nee, dat valt reuze mee. Veel materiaal is ook al gewoon op school aanwezig. En als je al iets hebt moeten aanschaffen voor een les, dan kun je dit het volgende schooljaar weer gebruiken.”Gebruiken jullie ook de digitale toepassingen bij In vogelvlucht? Mariëlle: ”Helaas nog niet optimaal. In verband met een verhuizing kunnen we niet volledig gebruikmaken van onze ICT-toepassingen. Ook heb ik nog geen digitaal schoolbord, dus kan ik de Leerkrachtassistent In vogelvlucht nog niet gebruiken. Ik heb de toepassingen al wel zelf gezien en dat ziet er goed uit, het is echt een aanvulling.”
|
 © Uitgeverij Zwijsen BV | Privacy Statement
|
|
|